BioForum Bioknipsels 44 - 17 december 2009

Op uitgerekend deze koude en tevens donkerste, kortste dagen van het jaar moet er in (K)Hopenhagen een klimaatsakkoord op tafel komen. Grappig toeval of ironie?

Je ontvangt de laatste -kortste & donkerste?- nieuwsbrief van dit jaar. Ik maak van dit moment gebruik om u namens het bestuur en de medewerkers van BioForum een groenig en CO2-neutraal 2010 te wensen.

2009`s laatste groeten,

Geertje Meire
BioForum Vlaanderen


CONSUMENT - Algemeen

PRODUCENT

VERWERKER
VERKOOPPUNT

en de Biokalender ...

CONSUMENT

Met de Climat Justice trein naar (K)Hopenhagen

Leen Laenens, directeur van BioForum Vlaanderen, reed mee met de Climat Justice trein naar (K)hopenhagen. "De vorige generatie ging naar de maan. Deze generatie moet beslissen of ze wil blijven leven op deze aarde." Zo sprak Mohammed Nasheed, de president van de Malediven de onderhandelaars in Kopenhagen toe.
Lange termijn perspectief en korte termijn handelen verzoenen: dit komt op zo’n internationale top als de COP 15 op het scherp van de snee. De straatacties en de onderhandelingen binnen het congrescentrum worden angstvallig van elkaar gescheiden. Toch is de boodschap van de straat niet mis te verstaan: “Planet, no profit”, “Climate justice now”, “ Change the system, not the climate”!

Het is een mix van ludieke acties en vele teksten met hoopvolle boodschappen maar dikwijls in harde niet mis te verstane taal die door de actievoerders op de onderhandelaars wordt afgevuurd. Naast de COP 15 is er ook het Klimaforum, de alternatieve klimaattop van Kopenhagen waar duizenden mensen en organisaties vanuit de hele wereld samenkomen onder de noemer de “voices of the people”. Dit werd versterkt met de aanwezigheid van 100.000 activisten zaterdag in de straten van (K)Hopenhagen. Geweldloos, respectvol en, waar nodig, burgerlijk ongehoorzaam willen ze aantonen wat er echt op het spel staat. “There is no planet B”.
Leen Laenens, directeur van BioForum Vlaanderen, was aanwezig. “Bioforum wil bijdragen aan de oplossingen want ze zijn gekend maar de urgentie dringt onvoldoende door bij de onderhandelaars”, stelt ze. Ze verwijst naar de woorden van Vandana Shiva zondag op het Klimaforum: “Als de regeringen slapen, laat het volk opstaan en hen de weg tonen." Vandana getuigde vanuit haar biobedrijf in de streek van de Himalaya waar 70% van de waterbevoorrading nu volledig verstoord is door de klimaatswijziging. Maar ze heeft en geeft hoop want zegt onomwonden dat 40% van de oplossing van het klimaatprobleem ligt bij landbouw op voorwaarde dat het een landbouw is die terug vertrekt vanuit de grond en besluit “Organic for all”.
Het wordt hoogtijd dat landbouw veel hoger op de politieke agenda komt want zowel de klimaatcrisis als de voedselvoorziening vereisen dit. Maar niet gelijk welke landbouw draagt bij tot de oplossingen. Zoals het gezaghebbend rapport van IASTDD al schreef, zal de enige uitweg en hoop om de 6,8 miljard mensen te voeden liggen in een landbouwsysteem dat werkt mét het ecosysteem en niet tégen het ecosysteen. Biolandbouw kan deze noodzakelijke omslag helpen bewerkstelligen, de omslag van ‘agro-business’ terug naar ‘agro-culture’. Het is alleen een kwestie van tijd maar de tijd dringt.
Ifoam is tijdens de hele onderhandelingsperiode actief aanwezig om deze boodschap te laten doordringen. Haar experten zijn dag en nacht in de weer, er wordt in het congrescentrum een ronde tafel en een tentoonstelling georganiseerd. Daarom stelt Ifoam op dinsdag ter ondersteuning ook twee nieuwe publicaties voor aan de 15.000 onderhandelaars en de pers:
Organic Agriculture – A Guide to Climate Change and Food Security
The contribution of organic agriculture to climate change adaptation in Africa
“Deze boodschap uitdragen is het dagelijkse niet aflatende werk van de ploeg van BioForum en haar vele leden. Ik weet waarom ik hier was en weet wat ik mee naar België nam toen ik zondag 13 december om 15 uur Hopenhagen achter mij liet”, besluit Laenens. Net op dat moment hadden de klokken van de lutherse kathedraal van Kopenhagen 350 keer geslagen. Daarvoor werd er een oecumenische dienst met een sterke politieke boodschap gehouden waar o.a. de Zuid-Afrikaanse Desmond Tutu voorging. (350 is de maximale CO2-uitstoot zoals die door ecologen is vastgesteld. Zie www.350.org)

"Terwijl ik gedurende 15 uur op de trein tussen Kopenhagen en Brussel mijn gedachten en impressies orden, stijgt de onderhandelingskoorts in Kopenhagen. Een trein waar in een geïmproviseerde keuken voor de 800 activisten een lekkere verse veggie-loco-biomaaltijd wordt geserveerd: voorgerecht, soep, hoofdgerecht en dessert: je moet het maar doen! Ook in het COP-congrescentrum is de catering trouwens bio, een krachtig signaal."
"Tijdens de reis denk ik terug aan Platform Rio van 1991 waar we in Vlaanderen meer aandacht vroegen voor het verband tussen de milieu en ontwikkelingsproblemen. Dit was in aanloop naar de UNCED-conferentie in Rio de Janeiro waar in 1992 geschiedenis werd geschreven door duurzame ontwikkeling op de kaart te zetten en waar de eerste akkoorden werden gesloten rond biodiversiteit en klimaat. 17 jaar later zijn we aan de 15de onderhandelingsronde voor het klimaat toe."
"Maar er moeten de komende dagen nog dikke knopen worden doorgehakt opdat de slotverklaring op 18 december de aankondiging zou zijn van een ambitieus en wettelijk bindend akkoord, een échte eerlijke deal. Voor miljoenen mensen is het immers een kwestie van leven of dood, zij vormen het ware geweten van de wereld. De wereldleiders kunnen dan aantonen wie ze écht vertegenwoordigen, en of de boodschap van de president van de Maladiven écht tot hen is doorgedrongen."

Bron: BioForum Vlaanderen, 14/12/2009

Biologische landbouw is goed voor klimaat

BioForum Vlaanderen sluit zich aan bij de wereldwijde beweging die pleit voor een daadkrachtig, efficiënt en sociaal rechtvaardig klimaatakkoord zoals dat vandaag in Kopenhagen wordt onderhandeld door leiders en beleidsmakers uit de hele wereld. De wereldwijde industriële voedselvoorziening draagt in grote mate bij tot de mondiale klimaatswijziging. Nochtans zijn er alternatieven: een duurzame landbouw is geen utopie maar een haalbare mogelijkheid. Om deze boodschap kracht bij te zetten trekt directeur Leen Laenens dit weekend met de Climate Justice Train naar Kopenhagen.

Biologische landbouw beschikt over een groot potentieel om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen en om zich aan te passen aan de nu reeds onvermijdelijke klimaatswijzigingen.
En ook al blijven er ook voor de biologische landbouw nog uitdagingen, de sector heeft ontegensprekelijk een voortrekkersrol in de wereldwijde voedselvoorziening op een duurzame, klimaatvriendelijke wijze.

Onder de troeven van biolandbouw mogen we rekenen: een betere stikstofhuishouding en daardoor een lagere impact op het milieu, een meer vruchtbare bodem en een hogere opslag van koolstof, meer ruimte voor natuur en een productie die meer weerbaar is tegenover erosie en extreme weersomstandigheden als droogte en overstroming, een lager verbruik van fossiele brandstoffen inclusief het gebruik van energie voor de productie van kunstmest en pesticiden. En niet in het minst, een grondgebonden veeteelt zonder mestoverschotten of klimaatonvriendelijke monoculturen voor veevoer.
De biosector is bovendien sinds jaar en dag een groot voorstander van en initiatiefnemer in de korte keten- en seizoensgebonden verkoop waardoor onnodig energieverbruik vermeden wordt.

BioForum Vlaanderen sluit zich aan bij de wereldwijde beweging die pleit voor een daadkrachtig, efficiënt en sociaal rechtvaardig klimaatakkoord.
Om deze boodschap kracht bij te zetten trekt directeur Leen Laenens dit weekend met de Climate Justice Train naar Kopenhagen. 

Voor meer informatie kan u terecht bij:
- Leen Laenens, 03 286 92 62, 0478 20 19 93
- Petra Tas, 03 286 92 74, 0494 50 02 19

Bron: BioForum Vlaanderen, 10/12/2009

Voedselpakket

Alle leerlingen van de lagere scholen in Laakdal hebben een biologisch voedselpakket ter waarde van 3euro gekregen. ‘Dat past in de campagne Biokids waarin de gemeente zo veel mogelijk mensen wil sensibiliseren om te kiezen voor duurzame consumptie', zegt schepen van Milieu Benny Smets.

Bron: Het Nieuwsblad, 8/12/2009

Biologisch geld?

Het productivisme - het idee dat de economie altijd maximale productie moet nastreven - lijkt op veel gebieden ten einde te lopen. De randvoorwaarden van ecologie, klimaat en sociale aspecten dringen tegenwoordig zelfs door tot instellingen als de Wereldbank en het IMF. In de landbouw en andere sectoren van de economie dringt het duurzaamheidsdenken door. Het laatste bastion van het productivisme is het geld zelf: de manier waarop kapitaal wordt ingezet. In de landbouw uit zich dit door een bovenmatig gewicht van (schuld-)geld in de landbouw, waardoor boeren beperkt zijn bij het uitwerken van innovatieve oplossingen. Een aanzienlijk deel van de kosten van voedsel bestaat daardoor feitelijk uit rente. Peter Jens, directeur van Biologica, uitte hierover bij zijn aantreden in september 2008 al zijn zorgen. 

Veranderingen
Er zijn echter signalen dat ook het geldsysteem aan het veranderen is. Afgelopen najaar speelden zich twee belangrijke zaken af binnen het financiele systeem. De Zweedse centrale bank stelde een negatieve rente in. Geld oppotten wordt zo ontmoedigd. Al bijna een eeuw geleden ontwikkelde  Silvio Gesell hierover ideeen die ook in de praktijk succesvol bleken. Eveneens dit najaar pleitte Lord Turner, van het toonaangevende FSA, voor een “Tobin Tax”: een belasting op financiele transacties. Dergelijke vernieuwingen kunnen belangrijk zijn voor de verduurzaming van het financiele systeem waarmee, op lange termijn, een duurzamere maatschappij in stand gehouden zal kunnen worden.

Bron: Biologica.nl, 14/12/2009

NL - 'Biologische sector heeft baat bij betere communicatie over gezondheidsrisico’s'

Onderzoekers van Wageningen UR Livestock Research en Plant Research International bepleiten een betere communicatie over mogelijke voedselveiligheidsrisico's van biologische producten. In een artikel in het wetenschappelijk tijdschrift 'Journal of Food Protection' van december 2009 zeggen zij dat het gebrek aan openheid hierover het publieke vertrouwen in de biologische sector in de toekomst sterk kan schaden.

Onderzoeker dr. ir. Bastiaan Meerburg van Plant Research Internationa kent de voordelen die biologische veehouderijsystemen hebben ten opzichte van gangbare systemen, met name op het gebied van dierenwelzijn. De communicatie naar de consument gaat meestal over dit aspect, stelt hij vast. Daar wordt zelden bij gemeld dat de dieren door het open karakter van de biologische veehouderijsystemen makkelijker ziekteverwekkers zoals bacteriën, virussen en parasieten en milieuverontreinigende stoffen kunnen oplopen. Die besmettingen kunnen ook in de voedselketen terecht komen.

Concrete voorbeelden van dergelijke mogelijke besmettingen zijn de parasiet Toxoplasma gondii in varkensvlees en hogere dioxine-gehaltes in biologische eieren. Op zich zijn deze problemen niet ernstig en goed oplosbaar. Producenten en distributeurs hebben de verantwoordelijkheid om het product zo veilig mogelijk te maken, bijvoorbeeld door het testen van biologische eieren op dioxinegehalte of het preventief invriezen van varkensvlees zodat parasieten onschadelijk worden. Daarnaast heeft ook de consument een verantwoordelijkheid door het product op een juiste wijze te bereiden.

De onderzoekers stellen dat in de communicatie de voedselveiligheidsrisico’s in de biologische sector nu nog onderbelicht blijven. Zij vinden dat een onwenselijke situatie. Consumenten moeten weten dat sommige risico's inherent zijn aan de keuze om dieren in een natuurlijker en welzijnsvriendelijkere omgeving te houden. Dankzij deze gebalanceerde informatie kunnen consumenten beter beslissen om een biologisch product wel of niet aan te schaffen. Zo kunnen onaangename verrassingen worden voorkomen, waardoor de biologische sector niet onnodig in een slecht daglicht zal komen te staan.

bron: Wageningen UR, geknipt uit AgriHolland.nl, 14/12/09

NL - 'Volledig sluiten van de kas bij biologisch telen is nog niet haalbaar'

Biologische glastuinders sluiten aan bij de innovaties die zich in de gangbare glastuinbouw afspelen. Afgelopen jaar liep in de proefkas van Wageningen UR in Bleiswijk een proef met grondteelt van tomaten. Voorlopig hebben zijn nog wel ramen nodig in de kas, helemaal sluiten is nog niet haalbaar.

De maatregelen die in het onderzoek worden genomen zijn gericht op het vasthouden van de warmte door middel van isolatie. Dat gebeurt in Bleiswijk via een dubbelscherm. De kas helemaal sluiten lukt nog niet vanwege het oplopende vochtgehalte en CO2-gehalte. Daarom zijn de onderzoekers op zoek naar een nauwkeurige afstemming waarbij ontvochtigen en luchtverdeling centraal staan. Het ontvochtigen gebeurt door koude buitenlucht, die relatief weinig vocht bevat, op te warmen en in de kas los te laten. Op deze wijze wordt het vocht deels afgevoerd wat een aantal voordelen heeft. Naast een betere temperatuurverdeling in het gewas, wordt voorkomen dat het gewas nat wordt en dat voorkomt infecties met schimmels.

De proeven hebben nog meer kennis en inzicht opgeleverd. De verticale opbouw van de ruimtetemperatuur bij gecontroleerd ventileren is anders. Om dit goed te sturen zijn meer meetpunten in de kas nodig. Het gevoel geeft niet altijd de juiste informatie. Bij droge lucht voelt het wat kouder aan en de teler is dan geneigd een minimumbuis in te zetten hetgeen een verkeerde handeling kan zijn. Afgelopen jaren hebben zijn zeer veel metingen gedaan in relatie tot het klimaat buiten en binnen de kas. Dit helpt om het klimaat nauwkeuriger te sturen, nu sturen telers de temperatuur vooral op basis van het licht. Maar het gaat vooral om de combinatie van licht, vocht en CO2 waarmee uiteindelijk hogere producties haalbaar worden.

bron: Syscope - Wageningen UR,geknipt uit AgriHolland.nl, 09/12/09


NL - Beoordeling smaak biologische wortelen erg dicht bij elkaar

Samen met Stichting Zaadgoed organiseerde Odin een wortel smaaktest met 5 biologisch vermeerderde of zelfs biologisch veredelde wortelrassen. In totaal zijn 2500 Odin-abonnees uitgenodigd om twee rassen te beoordelen. Iedereen kreeg het ras Romance plus een ander ras. Daarnaast waren er in 5 biologische winkels smaaktesten met alle vijf de rassen. De beoordelingen bleken erg dicht bij elkaar te liggen. Uiteindelijk komt het ras Romace uit beste uit de test, met Milan als tweede.

Zie voor een compleet beeld van de resultaten de site van Odin.

bron: Odin, 11/12/09

PRODUCENTEN
Landbouwdag

Op dit moment bespreekt het United Nations Framework Convention on Climate Change (UNFCCC) manieren om landbouwgrond te betrekken in het CO2 emissiehandel-mechanisme. Om te benadrukken dat dit een schijnoplossing is, gaan we op 15 december de straat op.

Bente Hessellund van de Deense Climate Justice Action (CJA): 'Ondanks de hoogdringendheid van de klimaatcrisis slaagt het UNFCCC-proces er niet in vraagtekens te plaatsen bij een economisch model dat uitgaat van eindeloze groei op een eindige planeet. De regeringen komen niet verder dan het opzetten van marktmechanismen om de klimaatcrisis op te lossen. Deze marktmechanismen hebben helemaal niet tot doel het gebruik van fossiele brandstoffen of uitstoot van broeikasgassen in de industriële landen terug te dringen. Het betrekken van agrarisch land in C02 emissiehandel is zo een van die schijnoplossingen. Dit kan er op den duur toe leiden dat boeren geen andere uitweg zien dan hun land tegen betaling te laten gebruiken voor CO2-opslag. Dit maakt boeren afhankelijk van de agri-industrie. Landbouwgrond kan enkel gebruikt worden om CO2 op te slaan als landbouw uit de door winst gedreven markt wordt gehaald.'

Om duidelijk te maken dat grootschalige industriële landbouw klimaatsverandering eerder in de hand werkt, dan dat het klimaatsprobleem er door zal opgelost geraken, organiseert Climate Justice Action (CJA) op 15 december een demonstratie in Kopenhagen onder het motto “verander het voedselsysteem, niet het klimaat”. CJA is een van de netwerken actief in de mobilisatie van kritische stemmen rond de klimaattop in Kopenhagen.

De landbouwmanifestatie zal door de straten van Kopenhagen trekken en aandacht vragen voor de positieve alternatieven die lokale, duurzame landbouw biedt. Op een ludieke manier zal de aandacht gevestigd worden op bedrijven die verantwoordelijk geacht worden voor het huidige voedselmodel. Wordt het een blokkade op het bedrijfsterrein van Monsanto of hebben de klimaatactivisten wat anders voor je in petto? Laat je verrassen door een van de stops die op het pad liggen.

Voor boeren overal ter wereld vormen de schijnoplossingen die in de klimaatonderhandelingen worden voorgesteld net zo'n grote bedreiging als droogte, tornado's en de nieuwe klimaatpatronen.

In het Zuiden wordt bos omgehakt en worden boeren van hun landbouwgrond verjaagd om ruimte te maken voor grootschalige industriële mono-culturen zoals soja en maïs, waarmee de Europese intensieve veehouderij wordt voorzien. In de bio-industrie worden miljoenen dieren zo snel mogelijk vetgemest waarbij grote hoeveelheden mest en methaan ontstaan en veel energie wordt verbruikt.

Het promoten van agrobrandstoffen en bio-plastic om de crisis het hoofd te bieden, legt een steeds grotere druk op de gebruikers van landbouwgronden. Dat heeft in ontwikkelingslanden al geleid tot het op grote schaal innemen van land door multinationals, waarbij kleine boeren en inheemse volken van hun territorium worden verdreven.

'Kleinschalige, duurzame landbouw blijft de beste manier om honger, ondervoeding en de voedsel- en klimaatcrisis te bestrijden,' redeneert Flip Vonk van CJA en daarnaast zelf werkzaam op een biologische boerderij. 'Inheemse zaden bieden de beste mogelijkheid voor aanpassing aan de huidige en toekomstige verandering van het klimaat. Duurzame lokale voedselproductie kost minder energie, maakt ons onafhankelijk van geïmporteerd diervoeder, legt CO2 vast in de grond terwijl de biodiversiteit erdoor verbetert.'

Praktisch:
Landbouw Actie Dag: Het Verzet is Rijp !
Startpunt: Islands Brygge – Havne Parken bij de Harbour Pool, Kopenhagen
Metro: Islands Brygge of Christianshavns Torv. Bus: 5A, 12, 33, 250S
15 december om 12 uur.
Perscontact: Leen Nicolas +4552679783
website: www.Climate-Justice-Action.org
info: climate-action@aseed.net

Bron: Aseed, 14/12/2009

High sequestration low emission food secure farming
Organic Agriculture offers a significant solution to climate change and food security

With up to 32% of all annual greenhouse gas (GHG) emissions coming from agriculture, it cannot continue as business-as-usual. A completely new strategy is needed, based on the eco-intensification of agriculture, including the optimization of carbon sequestration.

Organic Agriculture has the potential to mitigate through the sequestration of CO2 in the soil between 5% and 32% of all annual global GHG emissions. Eco-based systems integrate, protect and enhance biodiversity, reduce risk, decrease environmental impacts, raise income and knowledge and build communities. That's exactly what organic farming is about.

A transition to high carbon organic farming means a transition to fertile biological soils and the removal of CO2 from the atmosphere.

90% of the world's farms are less   than 2 hectares in size1 and form the backbone of local food security throughout the developing world.

Without affordable, productive and resilient farming systems focused on the needs of local communities, the number of hungry people will rise well above the current one billion as climate change accelerates. The UNEP Executive Director and the UNCTAD Secretary General stated that Organic Agriculture can be more conducive to food security than most conventional systems and is more likely to be sustainable in the long-term. The study showed that when Organic Agricultural systems are applied, yields rise on average by over 100%2.

A transition to organic farming means a transition to resilient farms and to resilient communities.

We demand the inclusion of Organic Agriculture in international climate change agreements that support the world's 400 million smallholders to secure their own food and their own futures through the use of sustainabl  e organic farming practices.

1 World Food Program: 1.02 Billion People Hungry. News Release, June 19th 2009.
2 UNEP-UNCTAD Capacity-building Task Force on Trade, Environment and Development 2008: Organic Agriculture and Food Security in Africa. United Nations: Geneva and New York.

Contact: Robert Jordan in Copenhagen on +49 176 5251 3425
Contact: Markus Arbenz in IFOAM Head Office on +49 160 8041 557

Bron: IFOAM, 15/12/2009

NEBUS MIDWEST: Netwerk Buurtwinkels met streekeigen Regioproducten

Het Vlaams Ruraal Netwerk gaat meestal op zoek naar beeÅNindigde projecten om een artikel aan te wijden. Hier gooien we het eens over een andere boeg. Het project “Netwerk Buurtwinkels met streekeigen regioproducten” (NEBUS MIDWEST) ging van start op 1 september 2009 en kadert binnen As 4 van het Vlaams Programma voor Plattelandsontwikkeling 2007 – 2013 (Plaatselijke Groep Tielts Plateau). De doelstelling
van het project is het uitbouwen van een nieuw distributiekanaal en van een netwerk van buurtwinkels. Dit staat in functie van de groeiende marktvraag naar belevingsproducten van het platteland of – specifiek in dit project – het vermarkten van streekauthentieke voedingsproducten zoals hoeve- en streekproducten.

Dirk Lammertyn, projectverantwoordelijke en bedrijfsleider van De Lochting VZW, vertelt ons dat eerst wordt nagegaan hoe men de duurzaamheid van het project kan meten en de kritische parameters kan definieÅNren.
Dit deel eindigt half december en hierbij kan men zich baseren op de jarenlange knowhow rond logistieke netwerken van streekproducten die deze biohoeve reeds heeft. Vanaf januari 2010 wordt dan gestart met de uitbouw van een website en een daarbij horende webshop. Op die manier kunnen de mensen hun streekproducten bestellen en afhalen in hun dichtstbijzijnde afhaalpunt/winkel. Voor de verdeling van de streekproducten doet men beroep op kansengroepen, zodat ook de sociale
economie wordt gestimuleerd.
We zullen deze streekeigen regioproducten onder andere kunnen terugvinden in zogenaamde “buurthoekjes” in een aantal winkels binnen het Leadergebied PG Tielts Plateau. Hiermee bereiken ze hun belangrijkste doelgroep (lokale inwoners) en stimuleren ze de buurtwinkels en de promotie van de regio. Het project kunnen we enigszins ook zien als een pilootproject. De voordelen, nadelen, mogelijkheden, ... worden gedetecteerd en gerapporteerd. Op die manier kan dit project een zeer goede basis en leidraad vormen voor soortgelijke projecten in de toekomst.

Meer info: Dirk Lammertyn (bedrijfsleider De Lochting VZW, Roeselare) E-mail: info@lochting.be

Bron: Nieuwsbrief Vlaams Ruraal Netwerk, december 2009

“Schud de hand van je boer”

Onder deze titel organiseerden Voedselteams vzw en VormingPlus Leuven op 17 november een studieavond. Het doel van deze avond was om even stil te staan bij de financieÅNle crisis in de landbouw en hoe we daar als landbouwer en als consument een antwoord op kunnen geven. Wim Merckx van Voedselteams vzw bracht ons aan het nadenken. Hoe is het mogelijk dat iemand onder de kostprijs moet produceren? Is dit de schuld van de vrije wereldmarkteconomie of is het gewoon een gevolg van mee- en tegenvallende oogsten?
Hoe groot is de rol van de lange en ontransparante distributieketen?
Door in te zetten op regionale economie, streekproducten, gebaseerd op solidariteit, kan een gedeelte van de markt uit de impasse komen. Voedselteams vzw is hier een voorbeeld van: consumenten verenigen zich lokaal en gaan op zoek naar landbouwers die duurzaam produceren en waarmee een eerlijke prijs wordt overeengekomen. Twee landbouwers die samenwerken met Voedselteams gaven een getuigenis.
Gaston heeft sinds 1984 een varkensbedrijf in Alken en koos bewust om niet mee te gaan met de tendens van schaalvergroting en specialisatie. Hij besliste om de hele productieketen zelf in handen te houden: eigen voeder, volledige opkweek, aandacht voor dierenwelzijn… Ook voor zijn afzet kiest hij bewust voor een zo kort mogelijke keten. Het grootste deel van het vlees wordt afgezet via de Voedselteams. De rest van het vlees wordt verkocht aan lokale slagers. Lea heeft een fruitteeltbedrijf in Tielt-Winge. Vanuit een groot milieubewustzijn kozen ze van bij de start voor de geiÅNntegreerde teelt en na verloop van tijd schakelden ze zelfs om naar de biologische productiemethode. Van meet af aan kozen ze ook resoluut voor de korte keten. Lea was er al bij van bij de opstart van Voedselteams zo’n 13 jaar geleden. Het gros van hun
producten wordt afgezet via Voedselteams, markten en thuisverkoop – de rest gaat naar de veiling.

Meer info: www.voedselteams.be

Bron: Nieuwsbrief Vlaams Ruraal Netwerk, december 2009

Subsidie voor CCBT

De Vlaamse Regering heeft beslist om een subsidie van 160.000 euro van het budget 2009 toe te kennen aan de vzw CCBT om haar werking te ontplooien. Doel van het Coördinatiecentrum praktijkgericht onderzoek en voorlichting Biologische Teelt, kortweg vzw CCCBT, is het praktijkgericht onderzoek en voorlichting ten behoeve van de biologische teelt te coördineren en te stimuleren in Vlaanderen en hiermee de dynamiek van de biologische teelt te bevorderen. Partners zijn ondermeer de proefcentra die al gericht zijn op biologische teelt en waar behoeftes zijn naar biologische teelt.

De oprichting van de vzw CCBT is een van de acties van het Strategisch Plan Biologische Landbouw 2008 – 2012 dat onderschreven wordt door Vlaams minister Kris Peeters en de drie landbouworganisaties (Boerenbond, Algemeen Boerensyndicaat, BioForum).

De vzw CCBT heeft als doel het praktijkgericht onderzoek en voorlichting ten behoeve van de biologische teelt te coördineren en te stimuleren in Vlaanderen.
Het resultaat van het praktijkgericht onderzoek en voorlichting moet in eerste instantie zorgen voor een optimalisatie van de biologische teeltmethode, de introductie van nieuwe technieken en de rendabilisering van de bedrijfsvoering. In tweede instantie zal het praktijkgericht onderzoek en voorlichting bijdragen tot de verduurzaming van de gangbare landbouw door kennisuitwisseling.

De vzw CCBT zal ondermeer als taak hebben het inventariseren en opvolgen van de noden inzake praktijkgericht onderzoek en voorlichting biologische teelt, het coördineren van het praktijkgericht onderzoek biologische landbouw, het coördineren en stimuleren van de voorlichting, afstemming met andere actoren in het onderzoek, ...
Partners zijn dan ook ondermeer de proefcentra die al gericht zijn op biologische teelt of waar behoeftes zijn naar biologische teelt. Verder zijn er in de vzw CCBT ook landbouwers vertegenwoordigd of vertegenwoordigers van landbouworganisaties, alsook een vertegenwoordiger van de afzetorganisaties en een gedeputeerde voor landbouw.

Bron: BioForum, 17/12/2009

Biologisch visvoer moeilijk te optimaliseren

Een deel van de geschikte grondstoffen voor biologisch visvoer is beperkt beschikbaar of nog van onvoldoende kwaliteit, zo blijkt uit onderzoek van IMARES, onderdeel van Wageningen UR. Daardoor zal het moeilijk zijn biologisch visvoer specifiek voor kweek in recirculatiesystemen te optimaliseren. Toevoeging van vitamines en mineralen is vaak alleen toegestaan als deze afkomstig zijn van een biologische bron.

Biologisch voer voor kweekvis heeft een andere samenstelling dan conventioneel voer. Biologisch visvoer kan bij gebruik in recirculatiesystemen mogelijk een negatieve invloed hebben op de gezondheid van de vis. Ook zal de afvalstroom bij biologisch voer toenemen. Dit omdat bij traditionele kweeksystemen voedsel en systeem al meer op elkaar zijn afgestemd. De mogelijkheden om het voer biologisch te produceren zijn wel aanwezig, maar het is de vraag tegen welke kosten dat kan.

Recirculatiesystemen
IMARES heeft onderzocht welke biologisch geproduceerde ingrediënten goed gebruikt kunnen worden voor de teelt van vis in recirculatiesystemen. Sojameel, tarwemeel en gluten zijn veelbelovende ingrediënten voor biologisch visvoer, blijkt uit de studie. Echter, door competitie met de markt voor onder andere menselijke consumptie zou het prijsverschil van die ingrediënten wel eens erg hoog kunnen uitvallen. Het is onduidelijk of deze investering terugverdiend kan worden. De kosten voor visvoer bedragen ongeveer 50% van de totale productiekosten.

100% biologisch vaak van onvoldoende kwaliteit
Voor vismeel en visolie geldt eveneens dat de biologische variant veel duurder is dan de niet-biologische. De ingrediënten moeten voor minstens de helft uit bijvangst en restafval van de duurzame visserij gewonnen worden. Dat restafval is schaars en bij overschakeling naar 100% biologisch bovendien vaak van onvoldoende kwaliteit, stellen de onderzoekers. Naast goed beheer van visstanden zouden ook zaken als milieubelasting en energieverbruik meegerekend kunnen worden, stellen zij voor. Op die vlakken scoort de reguliere kweek vaak goed.

Andere dierlijke producten
Kweekvis voeren met andere dierlijke producten, zoals dierlijk meel afkomstig uit de biologische veehouderij, is discutabel. Het bevat weliswaar een bron van eiwitten, is biologisch en nog betaalbaar ook, maar biologische consumenten stellen de indirecte consumptie van boerderijdieren via de vis niet altijd op prijs, aldus het rapport.

Zie voor meer informatie het rapport Identification of specific demands on Feed in Dutch Organic Aquaculture op de site van Wageningen UR.

bron: bioKennis - Wageningen UR, 14/12/09


NL - Grote veranderingen voor biologische proefboerderij Raalte

Wageningen UR Livestock Research wil haar negen proefboerderijen terugbrengen naar twee onderzoeksboerderijen (varkenshouderij en melkveehouderij) met internationale uitstraling – waar kennis, onderwijs en innovatie samenkomen – en één projectgebonden proefboerderij. De biologische proefboerderijen Raalte (varkenshouderij) en Aver Heino (melkveehouderij) horen bij de proefboerderijen die volgens het principebesluit tussen 2010-2012 sluiten.

Wageningen UR Livestock Research wil haar negen proefboerderijen terugbrengen naar twee onderzoeksboerderijen (varkenshouderij en melkveehouderij) met internationale uitstraling – waar kennis, onderwijs en innovatie samenkomen – en één projectgebonden proefboerderij. De biologische proefboerderijen Raalte (varkenshouderij) en Aver Heino (melkveehouderij) horen bij de proefboerderijen die volgens het principebesluit tussen 2010-2012 sluiten.

Mogelijk omvorming Aver Heino

Voor biologisch melkveebedrijf Aver Heino worden samen met de provincies Overijssel en Gelderland nog de mogelijkheden verkend van omvorming tot kenniscentrum van een meerjarig regionaal kennisprogramma voor de rurale vallei.

Nieuwe situatie
Voor de varkenshouderij en de melkveehouderij komt er één nationale onderzoeks- en onderwijsboerderij per sector:
Varkenshouderij: Sterksel+
Melkveehouderij: Nij Waiboerhoeve in Leeuwarden (combinatie Nij Bosma Zathe en de Waiboerhoeve)
Proefboerderij De Marke voor de melkveehouderij in Hengelo (Gelderland) wordt gecontinueerd als projectgebonden proefboerderij, omdat daar langjarige onderzoeksprogramma’s lopen rond een unieke meetreeks van nutriënten- en energiekringlopen binnen een gemengd melkvee- en akkerbouwbedrijf.

Veranderde positie
De positie van de proefbedrijven is de afgelopen jaren veranderd doordat praktijkonderzoek steeds vaker wordt uitgevoerd binnen netwerken en er minder behoefte is aan de demonstratiefunctie. Voor Wageningen UR (University & Research centre) heeft een proefboerderij vooral waarde als deze volledig is ingericht voor het doen van hoogwaardig onderzoek en het verzorgen van daaraan gekoppeld onderwijs. Met dit principebesluit verwacht men daar naartoe te werken. Voorjaar 2010 volgt het voorgenomen besluit van de Raad van Bestuur van Wageningen UR, waarna het wettelijke traject met medezeggenschap ingaat. Dan wordt ook meer bekend over de mogelijke doorstart van Aver Heino als kenniscentrum.

Contact informatie: Brigitte Breugom, Wageningen UR Livestock Research

Bron: Biokennis.nl, 17/12/2009

Bayer CropScience moet schade ggo-besmetting vergoeden
  

 Bayer CropScience moet een schadevergoeding betalen van bijna twee miljoen dollar aan twee landbouwers uit Missouri. Dat heeft een Amerikaanse rechtbank beslist. Het ging om het eerste vonnis in een reeks van rechtszaken tegen de Duitse agroreus nadat in 2006 sporen van de niet-goedgekeurde ggo-rijst LL 601 teruggevonden werden in rijstsilo’s.

Deze gemodificeerde rijstsoort bevat een bacterieel gen dat voor resistentie zorgt tegen glufosinaat. Dat is het actieve bestanddeel van Liberty, een herbicide van Bayer CropScience. Tussen 1998 en 2001 werd de ggo-rijst geteeld op proefvelden in de Verenigde Staten. Vreemd genoeg dook de rijstsoort vijf jaar na de stopzetting van de proeven plots op in silo’s in de staten Arkansas en Missouri. Van welke boerderij de partij oorspronkelijk afkomstig was, konden de autoriteiten toen al niet meer achterhalen.

"Deze uitspraak betekent een geweldige overwinning, niet alleen voor Kenny en mezelf, maar voor alle boeren in de Verenigde Staten die getroffen werden door de besmetting met LL 601", zei boer Johnny Hunter na het aanhoren van het verdict. Samen met zijn collega Kenneth Bell krijgt hij een schadevergoeding, maar hun verzoek om Bayer te bestraffen met een boete werd verworpen.

Eén van de acht juryleden heeft aan het persagentschap Bloomberg verklaard dat een straf niet aan de orde is omdat niet kan aangetoond worden dat Bayer CropScience de kruisbesmetting met opzet veroorzaakt heeft. Feit is dat de termijnmarkt voor rijst na de bekendmaking van de contaminatie in augustus 2006 in elkaar stortte, hetgeen de Amerikaanse rijstboeren naar eigen zeggen ongeveer 150 miljoen dollar zou gekost hebben. Bovendien kreeg de export zware klappen.

Bij Bayer CropScience merkt men op dat het Amerikaanse landbouwministerie er nooit in geslaagd is om te achterhalen hoe de ggo-rijst de stockvoorraden met langkorrelige rijst kon besmetten. Intussen mag de zogeheten LibertyLink-rijst in de VS trouwens wel geteeld en verkocht worden met het oog op menselijke consumptie, maar Bayer heeft nog geen gebruik gemaakt van deze goedkeuring.

In een reactie zegt het bedrijf teleurgesteld te zijn omdat het een schadevergoeding moet betalen. Bayer CropScience bestudeert op welke manier het zal reageren op het vonnis. De volgende rechtszaak in dit dossier gaat normaliter van start op 11 januari.

Bron: Greenpeace/Reuters, 9/12/2009

VERWERKERS

Subsidie voor het project “Bio zoekt keten”

De Vlaamse regering heeft beslist om een subsidie van 274.000 euro van het budget 2009 toe te kennen aan de vzw Bioforum Vlaanderen voor het project “Bio zoekt keten” voor de periode van 1 december 2009 tot en met 31 mei 2011.
Het project zal uitgevoerd worden door de vzw Bioforum Vlaanderen in samenwerking met Boerenbond en Algemeen Boerensyndicaat (ABS).
Het moet ervoor zorgen dat vraag en aanbod van biologische producten beter op elkaar worden afgestemd, dat nieuwe marktinitiatieven gestimuleerd en gecofinancierd worden en ketenactoren met elkaar in contact gebracht worden.
Met dit project wordt uitvoering gegeven aan actie 1 “Project Bio zoekt keten” onder hefboom 1 “Keten en Marktontwikkeling” van het jaarplan biologische landbouw 2010. Dit jaarplan is de concrete vertaling van het Strategisch Plan Biologische Landbouw 2008-2012 voor het jaar 2010. Vlaams minister Kris Peeters en de drie landbouworganisaties (Boerenbond, ABS, BioForum) hebben het Strategisch Plan Biologische Landbouw 2008-2012 onderschreven.

Het project heeft volgende algemene doelstellingen:
1. Meer samenwerking en afstemming binnen keten- en marktwerking;
2. Initiatieven ketenontwikkeling uit de markt stimuleren;
3. Integratie in reguliere afzetkanalen;
4. Afspraken tussen producenten onderling en aankopers om georganiseerd tegemoet te komen aan de vraag;
5. Het verhogen van de kansen van bio-producten door het opstarten van nieuwe en het verbeteren van bestaande ketens voor de afzet van (nieuwe) bio-producten.

Specifieke doelstellingen voor de ketenwerking zijn:
° Afstemmen van vraag en aanbod
° Innovatieve marketing- en productontwikkeling
° Opsporen van de aanbodskrapte
° Vermarkten van omschakelproducten
° Samenwerking
° Versnippering tegengaan
° Markttransparantie verhogen (prijs, kwaliteit, volumes, spelers,…)

Voor de concrete uitvoering van het project zal onder het samenwerkingsprotocol tussen Bioforum Vlaanderen, Boerenbond en ABS een onafhankelijke ketenmanager worden aangesteld. De ketenmanager heeft als taak bedrijven te begeleiden in alle schakels van de keten om vraag en aanbod op mekaar af te stemmen. De ketenmanager zal kunnen beschikken over een rugzak aan financiële middelen om quick wins (marktinitiatieven) van ketenpartijen te cofinancieren. In het project is 120.000 euro voorzien voor de financiering van deze marktinitiatieven. De marktdeelnemers/ketenpartijen kunnen voor hun quick wins cofinanciering krijgen indien ze aan bepaalde voorwaarden voldoen én indien ze zelf een eigen bijdrage van minimum 20% van de kost van het marktinitiatief financieren. De aanvragen tot deze marktinitiatieven zullen worden beoordeeld in een task force die ook verder instaat voor de inhoudelijke aansturing van het project.


Bron: BioForum, 17/12/2009

Vion Q-linaire introduceert biologische gehaktbal met Meatless

Tijdens de Horecava 2010 introduceert Vion Q-linaire de gegaarde biologische gehaktbal. De gehaktbal wordt gemaakt van biologische rund- en varkensvlees én het vleesvervangend product op basis van graan Meatless. De gegaarde gehaktbal bevat slechts 15,6 gram vet. Het product is Individually Quick Frozen en geschikt voor alle kookprocessen. Vion Q-linaire mikt het het product op afzet in het foodservice segment.

bron: Vion Q-linaire, geknipt uit FoodHolland.nl, 12/12/09

De Bolster groeit uit eigen bolster

De Bolster zit al bijna in een nieuwe, veel grotere bolster. De nieuwe bedrijfshal van de specialist in biologische zaden is eind januari helemaal af, maar de ruimtenood is zo groot dat deze week al een gedeelte in gebruik wordt genomen. De ruimtenood van het bedrijf, dat wordt gerund door Bart (60) en Elly Vosselman(60), hun zoon Frank (29) en Patrick Hoogendoorn (29), komt niet uit de lucht vallen, maar is een gevolg van de flinke groei van de laatste jaren.

De Bolster levert niet alleen biologische zaden van groenten, kruiden en bloemen in kleinverpakkingen aan particulieren en aan zo'n honderd biologische winkels, maar ook grootverpakkingen aan tuinders en zaadbedrijven in heel Europa. Driehonderdvijftig verschillende soorten zaden zitten er in het assortiment: van andijvie tot zomerwortel en van de adonis tot zeepkruid. In de catalogus, die in een oplage van twaalfduizend stuks wordt verspreid met foto's erin die zijn gemaakt door Elly Vosselman, staan ze allemaal opgenoemd.
De zaden worden voor een deel op eigen bodem gekweekt. De Bolster, dat is voortgekomen uit boerderij De Immenhof van de ouders van Bart, beschikt over zo'n zeven hectare eigen grond. Daarnaast worden zaden betrokken van telers uit de polder, Italië en Frankrijk. Het telen gebeurt uiteraard zonder bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Je bent een biologisch bedrijf of niet.
De groei is niet alleen te danken aan mond-tot- mondreclame, maar ook aan marketing, wat het werk is van Frank. Vader Bart, die plantenveredeling gestudeerd heeft in Wageningen, geeft vorm aan een tweede, veelbelovende poot van De Bolster: de veredeling. Een bezigheid van de lange adem met voetangels en klemmen.
Bart: "De verdeling heeft tot nu toe alleen maar tijd en geld gekost. Er gaat al gauw een ton per jaar inzitten en pas na zeven tot acht jaar is een gewas veredeld. Dan pas weet je of je de beste eigenschappen hebt en is het de vraag wat de concurrentie intussen heeft gedaan." De eerste resultaten zijn zichtbaar: twee nieuwe rassen pompoenen. Aan veredelde tomaten, een product dat wereldwijd aftrek vindt, wordt hard gewerkt. Bart: " Maar dat kan nog wel een jaar of twee, drie duren."


Bron: Stentor via http://www.agf.nl/, www.biofoodonline.nl, 13/12/2009

"We dream of an organic planet"

De Braziliaanse overheid belooft om de Wereldbeker Voetbal in 2014 en de Olympische Spelen in 2016 zo veel mogelijk milieuvriendelijk te maken. Een belangrijk onderdeel hiervan is het gebruik van biologische producten in de catering.

With the Football World Cup in 2014 and the Olympic Games in 2016, Brazil has two mega events on the horizon. They are already drawing up plans and will soon be taking strategic decisions. The Brazilian Government has pledged to make these sporting highlights as environmentally friendly as possible, and a significant contribution to making them green is the use of organic products in the catering. With this objective in mind, an interest group has been formed that has made contact with the government to explain the possibilities, the feasibility and the benefits of organic catering. We spoke to Joe Carlo Viana Valle, Secretary of State for Science, Technology and Social Affairs at BioFach América Latina. He is committed to greening the games and has ambitious aims.
Mr Valle, the Brazilian government refers to its vision of a green and sustainable World Cup in 2014 – what is meant by that and what does it include?
Many sectors and ministries are involved in the preparations for the World Cup in 2014 – among them are sport, tourism, environment, agriculture, research and technology and social affairs. President Lula himself and his closest colleagues are insisting on more sustainability and green and clean agricultural production. Gilberto Carvalho, the President’s right-hand man, has close ties with organic agriculture. He visited BioFach América Latina, and he will follow the process through to the World Cup. We are already starting preparations under the headings ‘green’ and ‘sustainable Cup’. This is why Planeta Organico, for example, took part in a meeting at government headquarters in Brasilia, explained the possibilities for integrating organics into the catering and discussed it with the people responsible for planning.
What is the motivation behind the decision to give the World Cup a green look?
Today the issue of sustainability is too important to ignore. With the World Cup we’ve got a great opportunity to push an issue that’s very important for Brazil and to show the world what solutions we come up with. This mega-event is ideal for showing the many things we’re doing in various sectors to address this vital issue. We’re going to cover and demonstrate the whole spectrum from sustainable energy and transport, environmentally gentle tourism to organic agriculture and healthy eating. Of course, we want to take the opportunity as well to promote organic production and the organic market and to stimulate growth in both. It’s also an economic question because, together with ecology, this sector is becoming more and more important from both the social and economic points of view.
Have you already got a target level of organics in the catering for the coming mega-event?
Our vision is 100 %, but we’re realistic enough to know that’s not possible. So we’re striving for as high a percentage of organic food at the games as possible. If we get to 10 % organic, we’ll be happy. At the same time, we regard the World Cup as a powerful incentive to promote in particular the family agriculture that plays a very significant role in Brazil and to create better prospects for small family farms. Our vision is also that all the companies who want to be involved in the World Cup will realise early that sustainability is going to be banner headline for the 2014 event and for the Olympics in 2016. This is the reason why the government is already advertising to get this message across and is going to make the necessary finance available.
Is there already a specific budget for organic agriculture and organic catering?
Various programmes are already running that are specifically aimed at supporting small-scale organic farming, and the government is currently providing finance for research and development in this sector with regard to 2014. The development of this niche market has been extraordinary. When I started to get involved in the organic sector five years ago, there were plenty of people who thought I was mad. And now we’ve just had an international trade fair in BioFach América Latina that has attracted a great deal of attention. My motto is this: if, as an individual, I have a dream, that’s fine; but if we collectively have a dream then we can really get things moving.
Who are the partners the government will be working with in the project “Green 2014”?
We’ve got loads of partners. In the private sector, for example, there’s Planeta Organico (the partner of NürnbergMesse Brasil in organising and running BioFach América Latina and ExpoSustentat), and the company IP Ingo Plöger. On the government side, Gilberto Carvalho and I have been working hard on this theme – but the ministries I mentioned earlier are also all involved.
If the experiment in 2014 is a success, could it be an option for the Olympics in 2016?
Yes, of course. We won’t stop working on this theme, because it really is our big chance to get all the participants interested and to win them over to the vital cause of organics and sustainability. We want to motivate everybody to play their part. We dream of an organic planet – a “planeta organico” as we say in the language of Brazil.
Mr Valle, thank you very much for our conversation.
Info: Joe Valle and Beatriz Martins Costa from Planeta Organico took part in the international congress on organics in the catering sector “foodprint” in Copenhagen, where they also introduced the plans for the “Green Cup”.

Bron: Organic-Market.info, 15/12/2009

NL - Bio-certificering horeca vraagt gecertificeerde leveranciers

Voor de horeca heeft Skal een speciaal certificeringsprogramma ontwikkeld. Dit nieuwe programma richt zich op het aankooppercentage biologische producten ten opzichte van gangbare producten. Een belangrijke voorwaarde is dat biologische producten aangekocht worden van een gecertificeerde leverancier die ‘bio’ bij producten vermeldt op de factuur. Het is een programma met doorgroeimogelijkheden, want er is keus uit drie varianten: brons, zilver of goud voor respectievelijk tenminste 40%, 60% en 80% biologische producten. Het restaurant mag dit met bijvoorbeeld een label aan de klant kenbaar maken. Omdat de horeca-ondernemer het percentage moet behalen in acht verschillende productgroepen is het biologische karakter in alle menu’s breed vertegenwoordigd.
De uitvoering van dit programma richt zich vooral op specificering in de administratie. Het is daarom geschikt om uit te besteden aan een administratiekantoor.
Geïnteresseerde horecabedrijven kunnen zich vanaf begin 2010 aanmelden bij Skal.
Dat geldt natuurlijk ook voor leveranciers die aan de bio-horeca willen leveren. Want om dat te kunnen doen hebben ze een bio-certificaat van Skal nodig.

Inlichtingen:
Hanneke de Boer, hdb@skal.nl.

Bron: Skal, december 2009

VERKOOPPUNTEN

Groep Colruyt opent Bio-Planet-supermarkt in Brugge                                                                             

Morgen opent de  Groep Colruyt zijn zesde biosupermarkt, in Brugge.
De 750 m”  grote winkel ligt aan de rand van de stad, aan de  Sint-Pieterskaai.
Er gaan 18  medewerkers aan de slag. Zij deden de voorbije maanden de nodige  kennis van zaken op in de Bio-Planet-winkels in Gent en  Kortrijk.   Bio-Planet  Brugge is de zesde nieuwe biosupermarkt in acht jaar tijd.  De  winkel komt niet toevallig in Brugge. De Kortrijkse winkel doet het  goed en klanten vroegen al lang naar een tweede winkel in  West-Vlaanderen. Philip Sterck,  verantwoordelijke Bio-Planet: "In Brugge vonden we een leegstaand  gebouw waarvan we met enkele aanpassingen een mooie supermarkt  konden maken. We openen onze winkels meestal in bestaande gebouwen,  en niet in een nieuwbouw. Dat is een van de manieren waarop we onze  milieu-impact binnen de perken houden." Overal  waar het praktisch en economisch mogelijk is, kiest Bio-Planet voor  de meest milieuvriendelijke oplossing. Zo is de winkel geverfd met  milieuvriendelijke verf en dragen de medewerkers kleren van  biokatoen. Met  zijn zeer complete assortiment laat Bio-Planet zijn klanten genieten  van het leven, maar dan wel op een bewuste manier. De  voedingsmiddelen zijn er gegarandeerd biologisch: zuivel, fruit en  groenten, vlees, kaas en meer. De biosupermarkt biedt ook ecologisch  verantwoorde niet-voeding zoals speelgoed, boeken en keukenspullen.  In het maandelijkse gratis magazine Bewust genieten geeft  Bio-Planet zijn klanten recepten, nuttige info over de producten en  een pak promoties. Naast  de zes supermarkten heeft Bio-Planet ook een onlinewinkel. Klanten  reserveren via www.bio-planet.be en halen hun  boodschappen vier dagen later af in hun Colruyt- of OKay-winkel.

Bron: Colruyt, 10/12/2009  

The Body Shop lanceert een fairtrade parfum

The Body Shop komt met een primeur op de proppen. De cosmeticaproducent lanceert een fairtrade parfum. Het hoofdbestanddeel is nog steeds alcohol, maar wel afkomstig van duurzaam geteeld en biologisch suikerriet uit Ecuador. Het parfum bevat onder meer jasmijn, vanille, sandelhout en muskus. Het zit in een honderd procent recycleerbaar glazen flesje.
Om de Love Etc.-parfum samen te stellen, strikte The Body Shop de neus van Dominique Ropion. Dat is ook de neus achter beroemde geuren als Ralph Lauren, Calvin Klein en Armani Code. Het parfum kost 28euro.
www.thebodyshop.be

Bron: Het Nieuwsblad, 11/12/2009

AGF Detailhandel Nederland (AND) start project om verkoop biologisch en duurzaam te verhogen

De consument gaat zich de laatste jaren steeds bewuster bezig houden met thema's als gezonde voeding, duurzaamheid en maatschappelijk verantwoorde producten. Biologische voeding spreekt een steeds breder wordende groep consumenten aan.

Omzet
De thema's komen niet alleen terug in veel publicaties maar vertalen zich ook naar omzetcijfers.

Terwijl de totale consumentenbestedingen in 2008 stegen met 6,9%, stegen de consumentenbestedingen aan biologische producten onproportioneel met 12,4%.

ADN onderzoekt BIO
De groenteman is, over het algemeen, weinig bezig met bovengenoemd thema. Om dit thema om te zetten in concrete mogelijkheden voor de groenteman is ADN een project gestart. Dit project heeft als doel de omzet en brutowinst bij de groenteman te verhogen door de verkoop van biologische, duurzame en streekproducten.

Projectgroep
Er is een projectgroep samengesteld die bestaat uit specialisten op het gebied van duurzaamheid en tien AGF ondernemers. Deze projectgroep is momenteel bezig om diverse mogelijkheden te bekijken. Alle facetten zoals de samenstelling van het assortiment, het promotiemateriaal en het waarborgen van kwaliteit van duurzame producten worden besproken. Wanneer deze plannen zijn uitgedacht en -gewerkt zullen er praktijkwinkels worden opgezet om de resultaten te meten. Zo wil ADN een goed uitgedacht ondernemersplan opzetten voor haar leden, die ook willen scoren met biologisch.

Meer informatie?
Uiteraard zullen wij via diverse communicatiekanalen u op de hoogte houden betreffende de voortgang en resultaten. Hebt u vragen over dit project of wilt u een bijdrage leveren?  Neem dan contact op met bedrijfsadviseur Joost Eurlings: M (06) 52 61 61 53.

Bron: www.biofoodonline.nl, 13/12/2009

Le Pain Quotidien start in Nederland

Het broodconcept Le Pain Quotidien (LPQ) heeft eindelijk een vestiging in Nederland. De eerste Nederlandse LPQ is onlangs geopend aan het Cornelis Troostplein in de Amsterdamse Pijp. Arne Altmann, bekend van Altmann Restaurant & Bar en zijn zakenpartner Hubert Nieuwendijk brachten het concept naar ons land.
Volgens Altmann loopt het storm bij de Nederlandse vestiging. De meeste klanten kennen LPQ vanuit het buitenland.

De formule hanteert drie pijlers, waarvan de eerste de huiselijke sfeer is. In de zaak staat een lange gemeenschappelijke tafel, en aan de wanden is ruimte voor nog twee mensen. Op de tafel staan grote potten jam en chocoladepasta met grote lepels. De tweede pijler betreft de authentieke, traditionele keuken met kwalitatief goede en eerlijke ingrediënten.
Veel van de producten zijn biologisch en in de toekomst wellicht veganistisch. Een van de toppers van LPQ is het zuurdesembrood. De derde pijler is de gastvrijheid van het personeel. Dat betekent dat het personeel de klant een fijne tijd wil bezorgen tijdens het bezoek, aldus Altmann. Le Pain Quotidien bestaat al 19 jaar en is bedacht door de Belg Alain Coumont. Er zijn wereldwijd meer dan 120 vestigingen, het hoofdkantoor staat in New York. Bron Misset Horeca

Bron: Biofoodonline.nl, 13/12/2009


Colofon
De BioForum Bioknipsels worden uitgegeven door Bioforum Vlaanderen, de koepelorganisatie voor de biologische landbouw en voeding. Deze knipselkrant verschijnt wekelijks met actuele informatie over de nationale en internationale biosector. De berichten worden zonder tekstwijziging (hooguit ingekort) geknipt en geplakt, met vermelding van hun bron. Samenstelling: Geertje Meire & Peggy Verheyden. Nieuwtjes en evenementen kunnen steeds voor opname doorgestuurd worden aan geertje.meire@bioforum.be of peggy.verheyden@bioforum.be. Momenteel wordt de knipselkrant verzonden naar ruim 2200 relaties binnen de sector, de overheid en sympathisanten van de bioweek.

In- / uitschrijven
kan via een eenvoudig mailtje aan info@bioforum.be.

Archief
Oude nummers kun je hier nalezen, onder 'archief'.