UCLouvain: 5 stellingen over de toekomst van de veehouderij

27 oktober 2026

Dit jaar publiceerde UCLouvain-onderzoeker Anton Riera een uitgebreide scenariostudie over de toekomst van de Belgische veehouderij. BioForum legde hem vijf stellingen voor.

Stelling 1: “Als we stoppen met vlees eten, lossen we de klimaatcrisis op.”

Riera: "Zowel om milieuredenen als voor de volksgezondheid moeten we minder dieren gaan eten en produceren. Daar is de wetenschap opvallend eensgezind over. De huidige situatie is niet houdbaar, maar echte vooruitgang vraagt zowel minder productie als andere productie. Zo is er de laatste decennia in Wallonië een verschuiving van extensieve rundveehouderij op basis van grasland naar meer intensieve systemen met voedermaïs en krachtvoer. Dat heeft een negatieve impact op het klimaat, de omgeving, dierenwelzijn, enz. Het is duidelijk dat we niet alleen het aantal dieren moeten verminderen, maar ook de manier waarop we ze houden." 

Stelling 2: “Voor het milieu is het beter om kip te eten dan rundvlees.”

Riera: "Qua CO2-uitstoot per eenheid product (kg CO2 per kg vlees), zijn kippen efficiënter in het omzetten van voeder in dierlijke eiwitten. Runderen zijn dan weer beter in het omzetten van biomassa die niet eetbaar is voor de mens (gras) en zijn sterker verankerd in het landschap. Kippen (en varkens) zijn namelijk sterk afhankelijk van geïmporteerd voeder. Het bredere plaatje is dus minder eenduidig. De vraag is niet zozeer welk dier we moeten eten, maar ook hier eerder hoeveel we consumeren en hoe we produceren."

Stelling 3: “De oplossing ligt bij de consumenten, niet de boeren.”

Riera: "Het probleem is fundamenteel systemisch. Het beleid stuurt aan op minder vleesconsumptie, onder andere met de eiwitstrategie van de Vlaamse Regering. Maar we spreken nog te vaak over verandering in productie en consumptie zonder te kijken naar de rest van de waardeketen, de schakel tussen die twee uitersten: verwerkers en supermarkten. Zo kan je de productie van eiwitgewassen stimuleren, maar heb je ook nood aan kennis om die te transformeren in producten die effectief geconsumeerd zullen worden."

Afbeelding
Vleesvee

Stelling 4: “Met onze hoog-efficiënte productie moeten we de wereld voeden.”

Riera: "In Europa, maar ook in het volledige ‘globale Noorden’ bij uitstek, is er een algemene overconsumptie en -productie van dierlijke producten. Het probleem is dus niet alleen waar er geproduceerd wordt voor onze consumptie, maar vooral hoeveel en hoe. De grootste winst ligt in het verminderen van producten met hoge impact, zoals vlees, en het verschuiven naar plantaardige eiwitten. in de nieuwe EU-strategie voor de Veehouderij zit dit deels ingebed, naast de lokale productie van veevoer en het gebruik van eiwitgewassen verhogen. Tegelijkertijd pakt dat plan nog niet voldoende de vraagzijde aan. In het algemeen ontbreekt er nog een expliciete heroverweging van de huidige overproductie en -consumptie."

Stelling 5: “We moeten de landbouw intensiveren om land vrij te maken voor natuur.”

Riera: "In onze studie hebben we verschillende ideologische stellingen vertaald naar enkele scenario’s of modellen. Als we naar die modellen kijken, komen we niet uit op één ideaal scenario. Bijvoorbeeld: bij het ’land sparing’-model met een heel intensieve landbouw en een bufferzone voor bio naast een groter deel natuur gaat de biodiversiteit er aanzienlijk op vooruit. Dan is er wel geen rekening houden met de emissies uit de intensieve veehouderij, die gewoon hoogproductief blijft doorgaan. Anderzijds zou in een 100%-biologisch-scenario er een tekort aan stikstof ontstaan, en zou ook de plantaardige productie dus afnemen. Met meer peulvruchten zou de vraag voor stikstof wel lager liggen. Er zal niet één model zijn dat alles oplost, maar het gaat om de balans tussen verschillende systemen. 

Dit moet ook worden vertaald in beleid. De EU legt in hun nieuwe Strategie voor de Veehouderij te veel de nadruk op technologische oplossingen om veehouderij efficiënter te maken. We moeten af van het idee dat efficiëntie de enige oplossing is: minder focussen op individuele optimalisatie en meer op het systeem als geheel. De plaats van de veehouderij in het landbouwsysteem van de toekomst ligt in een herpositionering: minder dominant, sterker ingebed in kringlopen en afgestemd op een duurzaam consumptiepatroon."

Wat vindt BioForum?

Veehouderij wordt vaak gezien als een aanjager van de klimaatverandering, vooral als het over de hoeveelheid dieren gaat. Biologische landbouw pakt het anders aan door te kiezen voor een grondgebonden model en te pleiten voor minder maar beter vlees. Helemaal zonder is moeilijk, want vee is een belangrijk onderdeel van biolandbouw. Het helpt met het sluiten van de nutriëntenkringlopen: dieren produceren meststoffen, kunnen reststromen verwerken en helpen ook met het onderhouden van historische landschappen. 

Meer weten? 
Lees het volledige interview met Anton Riera in Bio Actief 73. 

Onderzoek:
Riera, A., Vandevoorde, N., Squilbin, A. et al. Narratives, trade-offs and scenarios to explore the livestock transition in Belgium. npj Sustain. Agric. 4, 16 (2026). https://doi.org/10.1038/s44264-025-00122-9