Goedkeuring nieuwe gentechnieken is slecht nieuws voor de biosector
Europa laat vanaf 2028 ggo’s toe in de landbouw. Ondanks een verbod voor de biosector is dat slecht nieuws voor onze sector.
Op 17 juni keurde het Europees Parlement de versoepelde regels voor genetisch gewijzigde planten definitief goed. Dit was het sluitstuk van een wetgevend initiatief dat al enkele jaren liep. De nieuwe regels gaan in vanaf 2028.
Wat verandert er?
Europa deelt ggo-gewassen voortaan op in twee categorieën. NGT-1 zijn gewassen waarbij met zogeheten nieuwe genetische technieken (NGT’s) meer gerichte wijzigingen in het DNA worden aangebracht. We spreken van NGT-2-gewassen wanneer er vreemd materiaal van een ander gewas wordt ingebracht. Ook gewassen die via genetische manipulatie bestand worden tegen bepaalde pesticiden vallen onder NGT-2.
Voor NGT-2-gewassen verandert er niets: deze gewassen blijven verboden. NGT-1-gewassen zijn vanaf 2028 wel toegelaten in Europa. Voor biologische landbouwers blijven ze dankzij het lobbywerk van koepelorganisatie IFOAM Organics Europe verboden.
Maar dat is niet alles. Toen in december duidelijk werd dat de kans heel groot was dat deze NGT-gewassen zouden worden goedgekeurd, hebben boeren, burgers, middenveldorganisaties en wetenschappers ervoor gelobbyd om bepaalde garanties in te bouwen. Er werden verschillende amendementen ingediend, maar geen enkele werd goedgekeurd. Dat is slecht nieuws, want het betekent dat:
- Verededelingsbedrijven niet alleen NGT-gewassen op de markt mogen brengen, maar ze eigenschappen die door NGT’s werden bekomen ook mogen patenteren. Volgens een analyse van No Patents on Seeds! had ongeveer een kwart van de in 2023 door het EPO verleende plantenpatenten betrekking op conventionele veredeling.
- NGT-gewassen in de winkel niet gelabeld zullen zijn. De consument weet dus niet of hij ggo’s op zijn bord krijgt. Boeren krijgen die informatie wel: zaden die NGT’s bevatten moeten dat duidelijk vermelden.
Wat nu?
Als biosector hebben we ons de afgelopen jaren sterk verzet tegen de versoepeling van deze regels. Een groot deel van dat werk gebeurde achter de schermen, in gesprekken met de Vlaamse overheid, maar ook met Europese beleidsmakers. Er liepen ook publiekscampagnes. Dat gebeurde in samenwerking met onze Europese koepelorganisatie IFOAM Organics Europe, maar ook met Demeter. Ook de milieu-organisaties hebben er alles aan gedaan om deze versoepeling niet toe te staan.
Deze nieuwe regels zijn nefast voor alle boeren die eerlijk en vrij voedsel willen telen. Europa heeft er duidelijk voor gekozen om de industriële landbouw te bedienen, maar zorgt voor een heel onzekere toekomst voor de biologische sector.
Europa mag dan wel beweren dat bioboeren gentechvrij kunnen blijven werken, maar kruisbesmettingen kunnen altijd optreden. Door de mogelijkheid om eigenschappen te patenteren die evengoed via klassieke veredeling hadden kunnen ontstaan, belanden bioboeren in een onmogelijke positie: ze kunnen straks amper bewijzen dat ze ggo-vrij werken. Het is zeer onduidelijk of co-existentie, met vrijwaring van bio, überhaupt nog mogelijk is. Voor bioboeren kan dat in het ergste geval hun certificaat kosten, wat de kern van hun bedrijf raakt.
Ook bioboeren die zelf zaad veredelen komen in de verdrukking. Het wordt voor hen quasi onmogelijk om in volle autonomie te werken. Als je via klassieke veredeling komt tot een eigenschap die al gepatenteerd is, mag je die niet zomaar inzetten. In theorie moet je dus altijd controleren of er al een patent bestaat, wat een hoge administratieve en juridische kost is.
We hebben ook grote twijfels bij de bewering dat NGT’s voor meer voedselzekerheid en voedselsoeveriniteit leiden. In plaats van boeren meer autonomie te geven, bestaat het gevaar dat ze afhankelijk zijn van de race naar patentering tussen zaadveredelaars. Het is nu al een uitdaging om aan bepaalde rassen te komen. Dat gaat eerder ten koste van de voedselzekerheid. De echte vragen van het voedseldebat blijven intussen onbeantwoord: hoe bouwen we een landbouw die de natuur niet uitput? Hoe zorgen we ervoor dat boeren kunnen blijven ondernemen en een eerlijke prijs krijgen voor hun producten? Hoe produceren we gezonde voeding voor iedereen?
Effectiever pad naar de toekomst
Net als vele wetenschappers, maatschappelijke organisaties, landbouwers, verwerkers en retailers blijft de biologische sector ervan overtuigd dat systeemgerichte benaderingen van landbouw, innovatie, veredeling en de beheersing van plagen en ziekten een effectiever pad bieden naar duurzaamheid en weerbaarheid op de lange termijn.
IFOAM Organics Europe zal zich dan ook blijven inzetten voor een beperking van de reikwijdte van patenten, zodat de honderden kleine en middelgrote veredelingsbedrijven die de ruggengraat vormen van de Europese zaadsector hun werk kunnen voortzetten. De biologische sector wil daarnaast ook duidelijkheid over hoe Europa de coëxistentie tussen bio en gangbaar zal waarborgen. Als hier geen garanties gegeven kunnen worden, zullen we als sector ook verdere stappen zetten.